Home Activiteiten Pastorale Gebouw/Foto's Jeugdclub Commissies Historie Contact
Historie

In 1672 ontstond de Verenigde Doopsgezinde gemeente Harlingen.
Op 19 september 1858 werd een nieuw kerkgebouw in gebruik genomen, dat eind twintigste eeuw te groot voor de gemeente werd. Dit beeldbepalende gebouw aan de Droogstraat/Zoutsloot werd toen gesloopt.

In samenwerking met de Harlinger Hein Buisman Stichting is een deel van de bestaande panden (aangrenzend aan het gesloopte gebouw) omgebouwd tot kerk. Op 17 september 1997 werd de huidige Vermaning aan de Zoutsloot in gebruik genomen. Op dezelfde plaats dus waar de doopsgezinden al bijna 400 jaar bijeenkomen.

Het huidige orgel is afkomstig uit de kerk van Norby in Denemarken en werd gebouwd in 1917 door A. Zachariasen uit Arhus. Tot 1955 kwam de luchttoevoer door middel van een voetpedaal tot stand. In dat jaar schakelde men over op een elektromotor.
In 1989 werd het orgel afgebroken en overgebracht naar het huis van de heer Wiersma in Den Haag en daar weer opgebouwd.
In 1993 werd het orgel opnieuw afgebroken en overgebracht naar Harlingen. Begin april 1997 werd het orgel opnieuw opgebouwd in de Vermaning aan de Zoutsloot.

Een bekende doperse spreuk vat "het geloof" zo samen:
Dopen, wat mondig is
Spreken, dat bondig is
Vrij in het christelijk geloven
Daden gaan woorden te boven.

Beknopte beschrijving van de Doopsgezinden in Harlingen

Omstreeks 1550 werden de dopers vooral in Brabant en Vlaanderen hevig vervolgd, velen vluchten naar streken waar van vervolging minder te duchten viel. Zo kwam het dat er zich "zuiderlingen" in Harlingen vestigden. Zij brachten leven en bedrijvigheid in deze plaats. Onder hen was de franstalige Vlaming Jacques d’ Auchy of Dozy. Deze koopman/makelaar was goed bekend met Menno Simons.

Uit schriftelijke aantekeningen van Ebbe Pietersz, toen Leraar te Harlingen, blijkt dat er in 1556 te Harlingen een doperse gemeente van 400 leden heeft bestaan. Het stichtingsjaar van deze doperse gemeente is niet precies bekend, men neemt aan dat dit tussen 1537 en 1550 moet zijn geweest

Harlingen gold als wijkplaats voor de vervolgden, het Harlinger stadsbestuur was redelijk tolerant, dit laatste kan niet gezegd worden van een vroegere vriend van Dozy, Antony del Vaille. Deze laatste was raadsheer aan het Hof te Leeuwarden geworden en in september 1557 ontbood hij zijn vroegere vriend. Na een hartelijke ontvangst werd Dozy door del Vaille overgeleverd aan het gerecht. Dozy werd twintig maal verhoord met name met betrekking tot de leerstellingen van de kerkvaders ten aanzien van de menswording en de Godheid van Christus. Dozy, een man met een brede ontwikkeling, wilde niet tegen zijn geweten in de leerstellingen onderschrijven en werd daarom gevangen gezet en hij werd op 14 maart 1559 heimelijk vermoord.

In 1555 braken er in de Franeker doperse gemeente ernstige twisten uit inzake het uitspreken van het banvonnis, de echtmijding en het verplicht aangeven van broeders die in vertrouwen hun zonden meegedeeld hadden. Ook in Harlingen gingen deze zaken spelen, om tot een oplossing te komen werd Menno Simons begin 1557 uitgenodigd voor een vergadering in Harlingen. In Harlingen werd de vergadering beheerst door Leenhaert Bouwens en Dirk Philips. Men kwam absoluut niet tot een oplossing, in tegendeel: Menno leed "geestelijke schipbreuk" en vertrok voor het laatst van zijn geboortestreek naar het afgelegen Wustfeld waar hij in 1561 overleed.

Verdeeldheid binnen de doperse broederschap dus, ook in een plaatsje als Harlingen!

In die tijd trof men in Harlingen de volgende doperse groeperingen aan:

De Waterlanders ( afkomstig uit Waterland ten noorden van Amsterdam)
De Hoogduitsers ( afkomstig uit Duitsland )
De Vlamingen
De Friezen

De Vlamingen werden onderverdeeld in:

· Jonge Vlamingen of Contra Huiskopers
· Oude Vlamingen of Huiskopers
· Dantziger Oude Vlamingen
· Groninger Oude Vlamingen of Uckowallisten.

De Friezen werden onderverdeeld in:

· de Jonge of Zachte Friezen
· de Oude of Harde Friezen, ook wel de Jan Jacobsgezinden.

8 Doperse stromingen dus in Harlingen: kennelijk zag men zelf ook het onmogelijke in van deze situatie want al tussen 1591 en 1601 verenigden de Waterlanders en de Jonge Friezen zich tot de Verenigde Waterlandse Gemeenten, in 1616 sloten de Jonge Vlamingen zich hierbij aan, 1632: vereniging tussen Jonge en Oude Vlamingen waarbij zich in 1643 de Hoogduitsers aansloten. In 1672 tenslotte de vereniging van de Hoogduitsers c.s. met de Waterlanders c.s.

Terug naar ±1600. De Waterlanders kerkten toen in het pakhuis aan het Noordijs, in 1632 verhuisden zij naar de Roepersteeg waar zij gingen kerken in een pakhuis genaamd "de Keet". Nu nog is dit pand aanwezig, te herkennen aan de gevelsteen met het jaartal 1631.

Aan de noordzijde van de Lanen bevond zich het Vlaamsche vermaanhuis, volgens een beschrijving uit 1643: het kleine vermaanhuis staande op de Lanen met 4 huizen of woningen daarbij.

Hier vlakbij bevindt zich de Woudemansteeg (verbinding Lanen – Schritsen) Hier kwamen de strengere Oude Vlamingen of Jan Jacobgezinden bijeen, waarschijnlijk van 1599 tot 1766.

Hierna kwamen zij bijeen in het "Valkje" (hoekhuis Noorderhaven – Karremanstraat, zie gevelsteen). In 1796 staat in de Leeuwarder Courant gepubliceerd: verkocht de groote en sterke huizinge, bekend onder de naam Fijne Vermaning, staande aan de Noordkant van de grote sluis te Harlingen. Dit zal het einde van de Jan Jacobsgezinden in Harlingen zijn geweest…..

Nog strenger dan de Oude Vlamingen waren de Uckowallisten (of Groninger Oude Vlamingen, naar Ucko Walles uit Noordbroek Groningen). Deze Mennisten kwamen bijeen in een gewoon huis aan de Simon Stijlstraat (vroeger Wortelhaven genoemd). Op deze plaats is later de Evangelisch Lutherse kerk gebouwd.

Lijst van Predikers en Leraars

Deze lijst is wat betreft de 16e en de 17e en eerste helft van de 18e eeuw niet volledig.

Ebbe Pieters
Pierken Pierson
Jan Jacobsz
Yeme Jacobsz de Ring
Harmen Harmensz
Joost Jilles
Idzart van Hettinga
Pieter Jansen
Gijsbert Jurrien Fontein
Frederick Taemudes
Jurjen C. Fontein
Claes Klazes

1688-1716 Huybert Fedde
1689 Lieuwe Willems Graaf
1690-1721 Reynier Claasz Fontein
1692-1746 Dirk Sickes
1692-1700 Feddrik Anskes van Deersum
1694-1711 Jacob Jansen Peen
1695 Homme Gosses
1696 Douwe Feddericks
1712-1737 Reynder Jansz Kroon
1716-1753 Cornelis Timmerman
1716-1737 Meile Ruurds Backer
1718-1721 Volkert Brouwer
1729-1746 Thomas Wopkens
1735-1783 Johannes Stinstra
1744-1756 Jan Boelaard
1748-1758 Cornelis van Engelen
1756-1763 J. Francken
1764-1786 Nikolaas Klopper
1785-1807 Heere Oosterbaan
1787-1792 Mattias van Geuns
1792-1836 Freerk Hoekstra
1836-1872 Pieter Cool
1872-1884 Jochem Boetje
1884-1912 J.W. van der Linden
1913-1929 E. Engelkes
1929-1938 A.L. Broer
1939-1945 J.P.H. Grootes
1946-1969 H.H. Gaaikema
1969-1976 J. Oldekamp
1977-1981 B.K. Homan
1983-2000 H.C. de Haan
2001-2005 C. Pilaar

Huisvesting

Rond 1600 zaten de Hervormden stevig in het zadel; zij lieten Doopsgezinden vervolgen en konden het de Mennisten verbieden een vermaning te bouwen. Dit gebeurde b.v. in 1611 in Franeker.
Rond 1640 keert het tij, maar al in 1615 verkocht een echtpaar uit Achlum een schuur met grond in de Noorder Nieuwestad en op te Zuijtzijde van de Soutsloot aan Pieter Sijmens Slachter burger te Harlingen. In de kantlijn van de koopakte stond de verklaring van de koper waarin deze verklaarde dat de koop was geschied uit naam en ten dienste van de gemeente van mijn geloofsgenoten.
Deze schuur, die naar haar kleur, al snel de naam "Blauwe Schuur" kreeg heeft de Doopsgezinde Gemeente(n) enige eeuwen als kerkgebouw (vermaning) gediend.

De Blauwe Schuur is in de loop der tijden verschillende malen verbouwd en vergroot, eerst in 1641. In dat jaar brachten de 108 lidmaten van de gemeente 1800 gulden bijeen voor de vergroting van de vermaning. In de loop van de 17e en 18e eeuw werd het gebouw nog enige malen vergroot.
Toch voelden onze doperse voorouders zich in feite nooit echt happy in hun vermaning omdat het ïn het gebouw zo slecht "zong". Niet verwonderlijk want de brede galerijen overdekten 2/3 van het gebouw. In 1809 werd voor de vermaning bij de firma "Gruysen en Zonen" toch nog een orgel besteld en in 1848 werd de gevel aan de Zoutslootzijde gerestaureerd.
Hierna was het afgelopen: in 1856 besloot men tot sloop van de Blauwe Schuur en nieuwbouw van de vermaning. Op 17 september 1858 werd het nieuwe kerkgebouw in gebruik genomen.

Dit kerkgebouw heeft de doperse gemeente in Harlingen voortdurend bouw- en onderhoudszorg gegeven. Al in 1874 werd een uitvoerig onderzoek ingesteld naar de conditie van de kerkmuren. In 1887 werd een uitvoerige restauratie uitgevoerd, in 1906 bleek dat het dak met koperen schroeven versterkt diende te worden, in 1926 moest er wederom aandacht aan het dak worden besteed. Dit bleef zo doorgaan totdat begin jaren 70 besloten werd het dak te voorzien van een polyesterlaag. Het dak lekte niet meer en het houtwerk kon niet meer ademen …………..

Eind twintigste eeuw kon het pand niet meer worden onderhouden. De gemeente ontving een fors legaat van zuster Hoogland en met behulp van de Hein Buisman Stichting is de oude Vermaning gesloopt en is het huidig kerkgebouw tot stand gekomen: nog steeds op de grond waar onze voorouders ook ter kerke gingen!

hal

Vermaning

Copyright © 2005 Doopsgezinde Gemeente Harlingen - Thom Hoekstra